Gedrag heeft een reden

Kinderen zijn erg duidelijk in wat ze laten zien. Elk gedrag wat een kind laat zien, heeft een achterliggende reden. Als kinderen bijvoorbeeld duwen, slaan of schoppen, kan het zijn dat het kind graag met de andere kinderen wil meespelen maar nog niet heeft geleerd dat en hoe je dat ook kunt vragen aan de ander.

Kinderen die alsmaar rondjes lopen hebben misschien een prikkel nodig om tot iets te komen.

Een kind wat bij de zandtafel staat en ogenschijnlijk niks doet, is misschien aan het observeren wat er allemaal gebeurt in deze groep en wil zich de gebruiken eigen maken door te kijken.

Een kind wat in jouw ogen gooit met spullen is misschien aan het onderzoeken wat er gebeurt als je met meer of minder kracht iets gooit.

Een kind wat niet kan stilzitten in de kring als jij de dagen van de week zingt, is misschien niet vervelend of onrustig, maar kent alle dagen al (en misschien de maanden) en wil graag wat anders doen.

Er zit meer achter gedrag dan je in eerste instantie denkt. Kijk naar wat het kind doet, en vooral vraag aan het kind wat het wil. Kinderen zijn heel goed in staat uitleg te geven over wat ze aan het doen zijn en waarom. Probeer er achter te komen wat er speelt in plaats van meteen een oordeel te geven, dan voelt een kind zich serieus genomen. Dat vinden wij belangrijk, want als je echt weet wat een kind bezig houdt, kun je het kind geven wat hij of zij nodig heeft. En dat kan van alles zijn.

De een heeft begeleiding nodig in hoe hij kan regelen dat hij mee mag spelen, een ander zoekt naar bevestiging in haar kunnen en weer een ander heeft sturing in zijn of haar mindset nodig. Dat maakt ons vak ook zo leuk; de verschillen tussen kinderen en de aanpak hierin. Wij zijn blij dat wij een bijdrage aan hun ontwikkeling mogen geven op deze manier.

De foto’s zijn van afgelopen week waarin we heerlijk gespeeld hebben met alle materialen. “Maak een ronde weg, maar hij moet twee bruggen hebben en 3 verkeersborden”. Of, “Maak een reeks op de kralenplank, 2 kleuren en om en om leggen. En vooral doorzetten”. Uitdagende opdrachten geven om het denken aan het werk te zetten. Dat is van zoveel meer waard dan kinderen voorkauwen. Van zelf denken worden ze groot!